De totstandkoming van een dictee

Op 17 maart 2016 vond in Alphen aan den Rijn alweer voor de zevende keer het Groot Alphens Dictee plaats. De aula van het Groene Hart Leerpark was weer goed gevuld met enthousiaste Alphenaren. Pieter van Diepen, de auteur van de vorige editie, was in Alphen en doet verslag.

Alphen 2016

De goedgevulde zaal in Alphen

door Pieter van Diepen

Op 17 maart 2016 vond in Alphen aan den Rijn alweer voor de zevende keer het Groot Alphens Dictee plaats. De aula van het Groene Hart Leerpark was weer goed gevuld met enthousiaste Alphenaren. En met een enkele verdwaalde dicteetijger. Niet veel deze keer, want op dezelfde avond kon je je orthografische lusten ook in het Brinkhuis in Laren botvieren.  

Nam kinderboekenschrijver-columnist Gerard van Gemert vorig jaar nog namens het toen begunstigde goede doel Circle4Life de opbrengstcheque in ontvangst, dit jaar was hem gevraagd een mooie tekst te leveren. En dat deed hij! Zijn verhaal beschreef in acht fraaie zinnen vol voetangels en klemmen de de totstandkoming van het dictee. Dat was dan ook de titel.

Alphen 2016

Een deelnemer vertelt aan een reporter van Studio Alphen hoeveel fouten hij denkt te hebben.

Het getal van het Beest
Hij wist met woorden als bijdehante linguïsten, relaxte scribent, barbecueën, pyrrusoverwinning, louche etablissement, yahtzeeën, lcd-tv’s, déjà vuutjes, chipolata-ijs en worcestershiresaus (waarover straks meer) de goegemeente gemiddeld 22,3 rode strepen te bezorgen. Eigenlijk had hij een nog veel lastiger woord in petto, maar dat is, getuige zijn slotzin, door de jury tegengehouden: “…toen na veel gedelibereer het voorgestelde drieëntwintigletterige slotwoord, waarvoor de context ontbrak, ten langen leste werd geëlimineerd.” Dat woord was hexakosioihexekontahexafobie, de angst voor het getal 666. Merkwaardig genoeg heeft dat geen drieëntwintig maar achtentwintig letters …

Burgemeester Liesbeth Spies, oud-Tweede Kamerlid, -minister en -gedeputeerde, las als altijd weer luid en duidelijk voor. En ook de vaste entr’actes, de band Grijs Gedraaid en de verloting in de pauze, waren weer van de partij. En daarnaast nog een nouveauté, een stijlfoutenquiz. Met vijf zinnen van de hand van jurylid en oud-auteur van het dictee, Gé Vaartjes, waarin je – à la Kees van Kooten in 2013 – de stijlfouten moest onderstrepen. Daardoor vloog de tijd, en de nakijkploeg was, ondanks het grote aantal te corrigeren werkstukken en het grote aantal aan te strepen kemels, al klaar voordat de verloting erop zat.

Alphen 2016

De nakijkploeg had een zware dobber aan de vele werkstukken

Winnaars
Het winnende team, MacLean, scoorde met gemiddeld 16,5 fout beduidend beter dan het totale gemiddelde en verdiende daarmee een boottocht over de Nieuwkoopse Plassen voor zes personen, met een goedgevulde picknickmand. Aanvoerder Alex MacLean gaf het goede voorbeeld: hij verschreef zich slechts 13 keer en bezette daarmee de tweede plaats bij de lokale deelnemers, gedeeld met Els Bouthoorn, de winnares van 2015. Maar beste Alphenaar was ditmaal Arie van Rijn, met maar 12 fouten. Hulde!

Er waren behalve schrijver dezes nog twee buitenpoorters, helemaal uit het Belgische Kalmthout: Robert Joosen en zijn onafscheidelijke Hilda. Om maar meteen met de deur in huis te vallen: Robert won, met drie fouten, ik had er vier. En ook de score van Hilda, langzamerhand ook een geduchte dicteetijgerin, was beter dan die van de Alphense winnaar.

Alphen 2016

Pauze! Links leden van de band Grijs Gedraaid.

Woeste saus
Er zat deze keer wel wat ruis in de beoordeling. Niet in de tekst, Gerard treft geen blaam. Maar als in de spelregels staat dat “getallen in letters, dus voluit” moeten worden geschreven, en dat dat alleen niet geldt voor jaartallen en getallen in eigennamen, dan is het wat al te hard om A-viertje (wat ik had, en wat Van Dale ook goedkeurt) fout te rekenen. En als op het correctieblad hiërogliefen staat en als een nakijker daarom hiëroglyfen (wat ik had, en wat ook in het Groene Boekje staat) afkeurt, dan had de jury dat toch moeten overrulen. En dan nog worcestershiresaus, ik noemde het al. Zo stond het op het correctieblad, zo had Gerard het bedoeld. En zo had ik het ook geschreven, maar op grond van twee foute veronderstellingen: ik dacht dat die saus zo (en alleen zo) heette, en ik dacht dat je dat uitsprak als [woeste-saus]. Maar Van Dale geeft worcestershiresaus én worcestersaus, het Groene Boekje zelfs alleen worcestersaus. Van Dale zegt ook nog dat het verschillend wordt uitgesproken: [woeste-saus] en [woeste-sje-saus]. En wat zei Liesbeth? ‘Woeste-saus’. Dus worcestersaus (wat Robert had) had niet fout gerekend mogen worden. En – eerlijk is eerlijk – mijn worcestershiresaus juist wel, bij deze uitspraak.

Alphen 2016

Nee, het viel niet mee in Alphen …

Scheidsrechtersfoutje
Sommige dicteetijgers gaan ter plaatse in – vaak heftige – discussie en proberen te vuur en te zwaard hun gelijk te halen, anderen beschouwen een uitglijer van een corrector en/of de jury als een ‘scheidsrechtersfoutje’ en accepteren dat gelaten, zoals een voetbalclub moet aanvaarden dat de uitslag blijft staan ook als een penalty achteraf gezien ten onrechte is toegekend. Robert en ik zwegen beiden stil. Tevreden met de uitslag en met onze mooie prijs (een overnachting voor twee in een B&B in Nieuwveen resp. een fles Barons de Rothschild). Het was een genoeglijke avond geweest, met weer een mooie opbrengst voor het goede doel: “Syrië, back to school”.

14 reacties

  1. Laat ik dan maar schriftelijk reclameren: de uitspraak is niet ‘woes-tuh’ maar ‘woes-tuhr’; het verlengde woord wordt uitgesproken als
    ‘woes-tuhr-sjuhr-saus’.

  2. Te kort door de bocht. De uitspraak verschilt behoorlijk, zelfs onder Engelssprekenden. De laatste ‘r’ in ‘worcester’ is veelal onhoorbaar, met name in de Britse uitspraak.

    Kortom: reclameren is allerminst aan de orde. Ik zou ook niet weten waar het goed voor is. Ter oefening: een paar voorbeeldjes.

  3. Nou, ik denk het niet. Die internetbronnen zeggen me niks. De bij dictees te hanteren uitspraak staat gewoon in Van Dale. Sinds wanneer hebben we daar internet voor?

  4. De voorbeelden die Jeroen aanhaalt, zijn totaal irrelevant: dat is de uitspraak in het Engels of Amerikaans-Engels, en zeker niet in het Nederlands (daarvoor kijken we gewoon in VD).

  5. Ik snap Reins argumenten, maar in de inleiding van Van Dale staat bij de paragraaf ‘Spelling’ het volgende: “De gegeven uitspraakinormatie is een uitspraak die algemeen aanvaard is, maar laat ruimte voor individuele variatie. […] Niet alle uitspraakvarianten die in verzorgd taalgebruik aanvaardbaar zijn, zijn in dit woordenboek opgenomen.”
    Een ander voorbeeld: bij het lemma ‘fan’ staat in mijn Van Dale enkel de uitspraak ‘fen’, terwijl het in België vrij algemeen is om het uit te spreken als ‘fan’, en ik heb het een keer een voorlezer bij een dictee ook eens op die manier horen uitspreken. De uitspraak die bij het lemma staat, is een juiste, maar niet altijd de enige juiste.
    Overigens heb ik nog een VD van 2005, maar ik ga ervan uit dat zoiets als dit in de nieuwe VD niet aangepast is.

  6. Jeroen, doe even normaal hè: kijk bij het spellingalfabet dat VD hanteert! Dan zou je weten wat die y voorstelt [de u van ‘gul’ dus] . Bij gewone woorden staat geen uitspraak. Maar het is inderdaad sagdoek met de s en de g van goal: helemaal goed.
    Randy, alles staat er nog, maar wil jij daarmee zeggen dat iedere dicteevoorlezer maar wat moet doen (buiten VD om)? Dan zijn we echt een eind van huis … En heeft voortaan ieder voorlezer gelijk. Hoef ik niet meer vooraf bij een dictee dat ik gemaakt heb, vooraf de uitspraak door te nemen dus! Dat zou lachen worden hoor in Breskens bij de Specialisten. Overigens heeft VD nu bij ‘fan’ zowel de NL- als de BE-uitspraak. Komt duidelijk omdat VD nu ook een BE-redacteur heeft: Ruud Hendrickx!

  7. Toch voor de liefhebbers nog even (ik) ‘upgrade’, uitspraak ypgreet: de y = de u van gul, de g is de g van goal, en aan het einde hoort je na ‘ee’ inderdaad een t. Geloof maar dat bij elk woord (waar een uitspraak bij staat) in VD ik daaraan aandacht besteed. Het spellingalfabet van VD ligt altijd binnen handbereik. Eenieder weet, dat ik in mijn oefendictees een ‘eigen’ uitspraaksysteem hanteer …

  8. Ik wil niet zeggen dat je een voorlezer zomaar zijn/haar gang moet laten gaan: dat zou enorme verwarring door pertinente uitspraakfouten veroorzaken, zoals bijvoorbeeld de macchiato die in Dordrecht als ‘matsjatto’ werd uitgesproken. Wat ik wel wil zeggen is dat er in de uitspraak in sommige woorden iets meer ruimte kan zijn (niet dat dat bij alle woorden het geval is) dan Van Dale aangeeft. Waar precies de grens ligt, is een leuk discussiepuntje.

  9. In ieder geval mijn laatste woord (gebruik dat maar als uitgangsstelling voor de discussie).

    Stelling: de uitspraak in VD is bindend, wie dat boekje te buiten gaat, komt in een onbeslisbare normloosheid terecht, waar elke jury zijn goddelijke gang kan gaan en waarbij het einde zoek is.
    [Randy, maak dan in de discussie ook duidelijk bij welke woorden er wel en bij welke woorden er geen ruimte is: maar ook dat is puur willekeur!

  10. Ter vergelijking: in het Brits-Engels wordt privacy uitgesproken als /ˈprivəsi/, maar in het Nederlands is alleen de Amerikaans-Engelse uitspraak /ˈpraivəsi/ gebruikelijk. Wie dat woord in een Nederlands dictee op zijn Brits-Engels uitspreekt, zet de deelnemers op het verkeerde been.
    Je moet ook zloty niet op zijn Pools als /ˈzwɔ.tɨ/ uitspreken want dan zullen veel Nederlandstaligen niet verstaan wat je bedoelt. En alcaldes moet je niet op zijn Spaans uitspreken (als alkaldees) want dan geef je aanleiding tot de foute spelling alcalde’s.

  11. Pff… Waar worcester(shire)saus al niet toe kan leiden. Maar lieve mensen, daarbij was het toch volkomen oninteressant of de uitspraak nou [woeste] of [woester] was? Het ging toch puur om het uitspraakverschil tussen de versie zonder en die met shire?